Advies 2008-08

Vragen
Medewerkers van een koffiefabriek moeten in extreme kou werken. Ze krijgen wel beschermende kleding, maar gelaat en ademwegen zijn vrij en worden direct blootgesteld aan de lage temperaturen. Nieuwe medewerkers en het personeel van aannemers die binnen het bedrijf werken, worden gekeurd en elke vier jaar wordt de keuring herhaald.

Deze keuringen zijn uitgebreid besproken binnen een intercollegiale toetsingsgroep van bedrijfsartsen en de meningen verschillen sterk. Daarom heeft een van de bedrijfsartsen van deze koffiefabriek de CKA de volgende vragen gesteld:

  1. Is de aanstellingskeuring voor sollicitanten die in de koude ruimte gaan werken in strijd met de WMK?
  2. Mogen medewerkers in dienst van andere aannemers worden gekeurd wanneer zij in de koude ruimte gaan werken?
  3. Is de periodieke keuring te beschouwen als een keuring die voldoet aan de eisen zoals geformuleerd in de Leidraad verplichte medische keuringen (Leidraad vmk)?
  4. Mag de uitslag van de periodieke keuring – verplicht gesteld door de werkgever – zonder expliciete toestemming van de werknemer worden doorgegeven?

Antwoord

Ad 1
Om te bepalen of een aanstellingskeuring hiervoor is toegestaan, is het noodzakelijk te voldoen aan de voorwaarden gesteld in artikel 4 WMK en artikel 3 lid 1 van het Besluit aanstellingskeuringen. Een aanstellingskeuring is slechts toegestaan
indien aan de functie bijzondere eisen worden gesteld op het punt van medische geschiktheid. De CKA adviseert om na te gaan of blootstelling aan extreem lage temperaturen te beschouwen is als een bijzondere functie-eis die betekent dat er bijzondere eisen op het punt van medische geschiktheid worden gesteld.

Van een bijzondere functie-eis is sprake wanneer blootstelling aan extreem lage temperaturen 

  • gezondheids- en veiligheidsrisico’s met zich meebrengt,
  • die niet zijn te voorkomen dan wel te reduceren met behulp van gangbare maatregelen, overeenkomstig de stand der wetenschap en professionele dienstverlening.

De CKA verwijst voor inhoudelijke vragen over gezondheids- en veiligheidsrisico’s ten gevolge van blootstelling aan extreem lage temperaturen naar het Nederlands Centrum voor Beroepsziekten (NCvB) en het Coronel Instituut.


Ad 2
De WMK bepaalt dat een aanstellingskeuring bij het aangaan of wijzigen van een arbeidsverhouding onder voorwaarden mag geschieden.

De betreffende medewerkers hebben een arbeidsverhouding met een andere werkgever, de aannemer. De aannemer heeft werk aangenomen bij en voor de opdrachtgever. Medewerkers van de aannemer werken derhalve in opdracht van hun eigen werkgever bij diens opdrachtgever, de koffiefabriek. De opdrachtgever heeft niet de intentie de betreffende medewerkers in dienst te nemen. In een dergelijke situatie is geen sprake van een aanstellingskeuring.

Aannemers hebben hun eigen verantwoordelijkheid als werkgever bij het te werk stellen van hun medewerkers bij opdrachtgevers. Zij kunnen overwegen of aan de voorwaarden voor een aanstellingskeuring wordt voldaan voor medewerkers die opdrachten voor de koffiefabriek in de koude ruimte gaan uitvoeren.

De CKA overweegt daarnaast het volgende.
Medewerkers van aannemers worden aan dezelfde omstandigheden blootgesteld als de eigen medewerkers en lopen derhalve dezelfde gezondheids- en veiligheidsrisico’s. Het is niet ethisch en medisch verantwoord dat zij een mindere bescherming genieten dan eigen medewerkers van de koffiefabriek.
Wie verantwoordelijk is voor de zorg voor werknemers van de aannemer en hoe de zorgplicht van de aannemer en de opdrachtgever zich tot elkaar verhouden, is afhankelijk van de feitelijke situatie. De zorgplicht kan berusten op artikel 7:658 Burgerlijk Wetboek of de Arbeidsomstandighedenwet. De CKA is niet bevoegd nadere uitleg te geven van bepalingen uit het Burgerlijk Wetboek en de Arbeidsomstandighedenwet.

Indien zich daadwerkelijk gezondheids- en veiligheidsrisico’s voordoen, beveelt de Commissie op deze grond aan voor die medewerkers de werkwijze te volgen die in het antwoord op vraag 3 wordt beschreven.

Ad 3
De reikwijdte van de WMK is beperkt tot aanstellingskeuringen en derhalve ook de bevoegdheid van de CKA. Gelet op het belang voor betrokken werknemers en werkgever, formuleert de CKA een advies over de periodieke keuringen. Onder voorwaarden zou de beoogde periodieke keuring kunnen worden beschouwd als een verplichte medische keuring conform de Leidraad vmk. Naar de mening van de CKA is dit toegestaan wanneer bij het ontwerp van een dergelijke keuring nauw wordt aangesloten bij de eisen zoals gesteld in de Leidraad vmk en daarmee ook bij de eisen gesteld aan de aanstellingskeuring.

Ad 4
Het antwoord op deze vraag sluit aan bij het advies dat als zodanig staat beschreven in de Leidraad vmk. De CKA beveelt aan altijd vóóraf de werknemer goed te informeren en toestemming te vragen de uitslag aan de werkgever te mogen mededelen.