Advies 2008-14

Vraag
Een bedrijfsarts van de Dienst Stadsbeheer van een gemeente legt de CKA het volgende voor.

Een aantal medewerkers thans werkzaam als Parkeercontroleur binnen de Dienst Stadsbeheer hebben intern gesolliciteerd naar de functie van Inspecteur Openbare Ruimten (IOR). Voor deze laatste functie geldt een aanstellingskeuring. De afdeling personeel en organisatie heeft de bedrijfsarts in het kader van de sollicitatieprocedure gevraagd om medisch advies. Zij is
gevraagd te beoordelen of de medewerkers die hebben gesolliciteerd medisch in staat zijn de functie van IOR uit te voeren.

Vragen aan de Commissie: 

  1. Geldt bij een interne sollicitatie de formele aanstellingskeuring voor de nieuwe functie?
  2. Mag de bedrijfsarts medische informatie verstrekken over de medewerkers die hebben gesolliciteerd?
  3. Heeft de CKA nog suggesties / adviezen ten aanzien van het handelen van de bedrijfsarts in deze?

Antwoord
Ten aanzien van de eerste vraag, of de aanstellingskeuring ook geldt indien er intern wordt gesolliciteerd, het volgende. Een aanstellingskeuring kan worden verricht in verband met het aangaan en wijzigen van een burgerrechtelijke arbeidsverhouding of in verband met een aanstelling in openbare dienst. Dit dan alleen indien er bijzondere eisen op het punt van de medische geschiktheid moeten worden gesteld. In casu lijkt er sprake te zijn van een wijziging van de aanstelling in openbare dienst. In dat geval kan er ook voor de personen die intern solliciteren een aanstellingskeuring gelden.

Ten aanzien van de tweede vraag, of de bedrijfsarts medische informatie mag verstrekken over de medewerkers die hebben gesolliciteerd het volgende. Hiervoor verwijst de CKA naar de Leidraad Aanstellingskeuringen of het Protocol Aanstellinskeuringen (te vinden via www.aanstellingskeuringen.nl). Hierin staat dat de keurend arts toestemming aan de keurling vraagt om de uitslag bekend te maken aan de werkgever. De keurling mag hier in principe 1 week over nadenken. Er kan worden afgesproken dat indien de keurling niet binnen de gestelde termijn reageert, de uitslag alsnog schriftelijk bekend wordt gemaakt aan de werkgever. De keurling kan dus weigeren zijn/haar toestemming te verlenen om de uitslag
door te geven aan de werkgever, met alle mogelijke gevolgen van dien. Maar het is in ieder geval aan de keurling om hierover te beslissen.

Ten aanzien van de derde vraag, of de CKA nog suggesties of adviezen heeft, wijst de CKA op de hiervoor reeds genoemde Leidraad Aanstellingskeuringen en verwijst zij naar de website zoals ook hiervoor reeds genoemd.