Advies 2011-31

Vraag

Vragensteller is werkzaam als bedrijfsarts voor een bekende arbodienst. In het kader van advisering aan een klant vraagt hij advies aan de CKA:

A. Mag een sporttest onderdeel uitmaken van een (aanstellings)keuring? Het gaat om mensen die werkzaamheden verrichten, vergelijkbaar met de brandweer, maar dan in de private sfeer. Deze personen zijn al in dienst, maar krijgen er dan op een gegeven moment, afhankelijk van de test, extra taken bij. Niet iedereen krijgt dezelfde taken. Halen ze de keuring niet, dan heeft dat verder geen consequenties, behalve dat de werknemers die extra taken niet krijgen. De bedrijfsarts maakt uit de Leidraad verplichte medische keuringen tijdens dienstverband op dat er alleen een keuring kan worden ingevoerd voor dezelfde functies, voor dezelfde taken. De vraag is vervolgens of je alleen bepaalde werknemers mag keuren die bepaalde extra taken krijgen, of dat iedereen gekeurd moet worden, ook al krijgen die geen of andere extra taken.

B. Verder vraagt de bedrijfsarts wat er precies in de CAO geregeld moet zijn rond de aanstellingskeuring, indien die er is of gaat komen. Hoe specifiek moet de keuring in de CAO geregeld worden?

C. In vervolg op het vorige punt: kan een afspraak met de OR volstaan, of moet de (aanstellings)keuring per se in een CAO vastgelegd worden?

Antwoord van de CKA

Vooropgesteld het volgende.

De CKA is ingesteld ten behoeve van klachtbehandeling en advisering in verband met aanstellingskeuringen (art.14 van de Wet op de medische keuringen, Wmk). Over verplichte medische keuringen en andere medische onderzoeken en rechten van de OR in deze is de CKA niet bevoegd uitspraken te doen.

Ad A.
Uit de vraagstelling blijkt verwarring over twee procedures: de ene heeft betrekking op een aanstellingskeuring en de andere op verplichte medische keuringen tijdens dienstverband. Deze dienen goed van elkaar te worden onderscheiden.

1. aanstellingskeuringen: dan moet iemand al geselecteerd zijn om die extra taken te gaan doen, de aanstellingskeuring is het sluitstuk van de selectieprocedure. In het kader van de wijziging van de functie kan dan een aanstellingskeuring (art. 1 Wmk) worden gedaan als ook aan de overige eisen wordt voldaan waaronder als belangrijkste:

a. inventarisatie van bijzondere functie-eisen
b. vertaalslag maken naar eisen van medische geschiktheid en geschikte onderzoeksmethoden selecteren
c. informatie verstrekken
d. ......e.a.

Doel van de aanstellingskeuring is bescherming van de gezondheid en veiligheid van betrokkene en derden.
In deze situatie wordt dus een specifieke (geselecteerde) werknemer gekeurd voor een vooraf geselecteerde extra taak of extra taken. Als deze werknemer wordt goedgekeurd krijgt hij de taken.

2. verplichte medische keuringen tijdens dienstverband:
a. deze zijn verplicht op basis van een wettelijke verplichting of een CAO;
b. deze zijn verplicht voor alle medewerkers die een bepaalde functie uitoefenen;
c. er zijn rechtsgevolgen verbonden aan het resultaat van de keuring.

Voor dergelijke keuringen beveelt de Leidraad verplichte medische keuringen de systematiek van de Wmk aan. Daarom geldt ook hier het benoemen van bijzondere functie-eisen en daarop de medische geschiktheidseisen baseren en onderzoeksmethoden selecteren. Zie verder de betreffende leidraad.

Sporttest als onderdeel van een aanstellingskeuring
Of een sportest deel kan uitmaken van een aanstellingskeuring hangt af van de bijzondere functie-eisen en de daarop gebaseerde medische belastbaarheidseisen. De inhoud van de aanstellingskeuring dient daarop afgestemd te worden. De CKA kan in zijn algemeenheid niet bepalen of een sporttest deel mag uitmaken van een aanstellingskeuring.

Iedereen keuren?
Uit de Wmk (en ook bepaalde grondrechten zoals integriteit van de persoon) kun je afleiden dat onbeperkt keuren niet juist is. Dit betekent dat iedereen voor een bepaalde taak keuren en vervolgens maar een enkeling selecteren niet is toegestaan. Op vrijwilige basis kunnen mensen deelnemen aan een medisch onderzoek en advies krijgen. Hiervan mag geen mededeling worden gedaan aan de werkgever tenzij betrokkene daarvoor expliciet en vrijwillig toestemming verleent.

De CKA gaat uit van het gegeven dat de beoogde keuringen (nog) niet bij CAO geregeld zijn.
In casu gaat het dan om aanstellingskeuringen, de Wmk is van toepassing.
Om dan iedereen te keuren met het oog op het gaan vervullen van extra taken door een enkeling is in strijd met de Wmk.

Ad B.
In de Wmk is niet specifiek geregeld wat in de CAO moet staan, de CAO mag niet in strijd zijn met de Wmk en het besluit aanstellingskeuringen.
In de CAO kan een algemene regel worden opgenomen voor welke situaties een aanstellingskeuring vereist is; en hoe tot die keuze kan worden gekomen. Het is aan de betrokken partijen om te bespreken hoever ze zaken in een CAO vast willen leggen. In de onderneming dient wel een beleid te zijn en positief advies van de arbodienst of deskundige over de uit te voeren aanstellingskeuringen.

Voor verplichte medische keuringen kan de CKA geen uitspraken doen, voorstelbaar is dat analoog aan aanstellingskeuringen procedures worden vastgelegd.

Ad C.
De OR heeft instemmingsrecht voor het beleid omtrent aanstellingskeuringen conform art. 9 Wmk. Beleid ten aanzien van de aanstellingskeuring maakt deel uit van het algemene aanstellingsbeleid. Het beleid ten aanzien van verplichte medische keuringen kan worden beschouwd als onderdeel van het arbeidsomstandighedenbeleid. Zie verder de Wet op de ondernemingsraden.

Voor meer informatie zie www.aanstellingskeuringen.nl
Leidraad aanstellingskeuringen in het bijzonder hfd 3.2 en 3.3 waarin de rol van de OR en zelfregulering wordt besproken.