Advies 2012-25

Vraag

Een medewerker bij een gemeente legt de vraag voor of de invoering van een Preventief Medisch Onderzoek (PMO) voor alle medewerkers van de afdeling Handhaving in strijd is met de Wet op de medische keuringen (WMK).

Antwoord

De Commissie Klachtenbehandeling Aanstellingskeuringen (CKA) is bevoegd om vragen en klachten
met betrekking tot aanstellingskeuringen (artikel 1 WMK) te behandelen.

Onder aanstellingskeuringen in de zin van de wet vallen vragen over de gezondheidstoestand van de keurling en het verrichten van medisch onderzoek in verband met het aangaan of wijzigen van een arbeidsverhouding. Dergelijke keuringen zijn op grond van artikel 4 van de WMK slechts toegestaan, indien aan de vervulling van de functie bijzondere eisen op het punt van de medische geschiktheid worden gesteld. De keuring moet dan voldoen aan de voorwaarden van de WMK.

Vaak wordt een aanstellingskeuring in dit verband verward met een verplichte of vrijwillige periodieke medische keuring tijdens dienstverband. De CKA is niet bevoegd zich over dergelijke keuringen uit te laten, tenzij het een keuring betreft, die plaatsvindt in verband met een wijziging van de arbeidsverhouding. Voor andere keuringen verwijst de CKA naar de Leidraad ‘Verplichte medische keuringen’ betreffende werknemers tijdens dienstverband en de Leidraad ‘Preventief Medisch Onderzoek van werkenden’ op deze pagina van de website van de NVAB (www.nvab-online.nl).

Uit de verstrekte informatie leidt de CKA af dat het niet om een aanstellingskeuring gaat, maar om een Preventief Medisch Onderzoek (PMO) dat op basis van de Arbeidsomstandighedenwet (artikel 18) door de werkgever aan diens werknemers behoort te worden aangeboden. Een werknemer is in beginsel niet verplicht om een PMO te ondergaan.