Advies 2013-06

Vraag

Vraagsteller heeft na te zijn aangenomen in een kantoorfunctie een vragenlijst van de werkgever ontvangen. Daarop is vermeld dat de te geven antwoorden vallen onder het medisch beroepsgeheim en dat de werknemer verklaart akkoord te gaan met het kenbaar maken van de aanstellingskeuring aan de werkgever. Vraagsteller vraagt zich af of dat mag en zo niet, hoe dat binnen de organisatie het best aangekaart kan worden.

Antwoord

Een aanstellingskeuring is alleen toegestaan voor een functie waaraan bijzondere functie-eisen worden gesteld. In het algemeen gelden die niet voor een kantoorfunctie, maar onduidelijk is of die voor de betreffende functie gelden. Het is niet toegestaan om de keurling van te voren te laten verklaren dat hij akkoord is met het kenbaar maken van de uitslag van een aanstellingskeuring aan de werkgever.

Aanstellingskeuringen mogen pas worden verricht aan het einde van de sollicitatieprocedure, maar dienen plaats te vinden voor de datum van in dienst treden. Indien een aanstellingskeuring onderdeel uitmaakt van de sollicitatieprocedure, moet dat bij de werving al bekend gemaakt worden. Tijdig voor de keuring moet aan de sollicitant schriftelijk en begrijpelijk informatie gegeven worden over doel, vragen en onderzoeken van de keuring en over de rechten als keurling.

Aan deze eisen is niet voldaan. De uitslag van de keuring lijkt bovendien niet beslissend te zijn voor de aanstelling en het betreft een lijst met algemene vragen welke niet specifiek op een functie zijn gericht. Daarom is het aannemelijk dat het hier niet gaat om een aanstellingskeuring, maar om een intrede-onderzoek. Een intrede-onderzoek vindt plaats op vrijwillige basis en is geen selectie-instrument. Het kan slechts ná indiensttreding uitgevoerd worden, terwijl de werkgever daarvan geen uitslag ontvangt. Een intrede-onderzoek kan verschillende doelen hebben. Zo kan het bijvoorbeeld gaan om het vastleggen van een uitgangssituatie (“nulmeting”), om het eerste preventief medisch onderzoek (PMO), om kennismaking met de bedrijfsarts of arbodienst of om een mogelijkheid tot het geven van voorlichting. Alleen met toestemming van de keurling mag de bedrijfsarts gegevens vastleggen en bepaalde informatie aan de werkgever verschaffen.

Vraagsteller kan voorafgaand aan de keuring bij de keurend arts informeren of het een aanstellingskeuring dan wel een intrede-onderzoek is. Als blijkt dat het een aanstellingskeuring betreft, kan vraagsteller een klacht indienen tegen de keuringvrager en/of de keurend arts bij de Commissie Klachtenbehandeling Aanstellingskeuringen (CKA).

Daarnaast kan vraagsteller overwegen de ondernemingsraad (OR) over het keuringsbeleid te informeren aangezien het onderdeel is van het aanstellingsbeleid binnen de onderneming. De OR heeft sinds 1 oktober 2012 ook zelf de mogelijkheid om een klacht tegen de ondernemer in te dienen bij de CKA.