Advies 2015-32

Vraag

Een advocaat overweegt om als partner toe te treden tot de maatschap van een advocatenkantoor. Hij vraagt of het is toegestaan dat een arts, voorafgaand aan de toetreding tot de maatschap, toetst of hij (1) medisch geschikt is voor het ambt en (2) een verhoogd risico heeft op uitval door ziekte.

Achtergrond bij deze vraag: als de advocaat eenmaal partner is, zal hij geheel zelf beslissen over het aannemen of afhouden van zaken en aan niemand verantwoording afleggen. Hij ontvangt dan geen loon, maar een deel van de winst. Er bestaat ook geen recht op loon gedurende ziekte, de overige partners zullen zijn vaste inkomen gedurende het eerste ziektejaar doorbetalen.  

Antwoord

Ten eerste dient de vraag te worden beantwoord of de Wet op de medische keuringen (Wmk) in deze situatie van toepassing is. Op grond van artikel 1, onder a, sub 1 is de Wmk alleen van toepassing indien er sprake is van een burgerrechtelijke arbeidsverhouding die bij of krachtens de Ziektewet (ZW) en de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA) als dienstbetrekking wordt aangemerkt. Dat betekent dat voor het antwoord op de vraag of de Wmk van toepassing is, beslissend is of de betrokkene verzekerd is voor de werknemersverzekeringen. Dat is in de regel het geval wanneer sprake is van een arbeidsovereenkomst, maar niet bij toetreding tot een maatschap.
De Wmk is dus niet van toepassing, waardoor de Commissie Klachtenbehandeling Aanstellingskeuringen (CKA) niet toekomt aan de inhoudelijke behandeling van deze vraag.