Advies 2017-28

Vraag

Een belangenbehartiger stelt de navolgende vragen over de mededelingsplicht bij sollicitatie:

  • Moet een sollicitant met gezondheidsproblemen, die haar kunnen belemmeren om essentiële taken van de toekomstige functie uit te voeren, de aspirant werkgever daarover informeren?
  • Wat is de rechtsgrond van deze mededelingsplicht?

Antwoord

In het algemeen geldt volgens (vaste) jurisprudentie dat de aspirant werkgever tijdens de sollicitatieprocedure alleen vragen mag stellen en informatie mag opvragen over onderwerpen die van belang zijn voor de beoordeling van de geschiktheid van de kandidaat voor de aangeboden functie.

Tijdens de sollicitatieprocedure mag de aspirant werkgever zelf geen vragen stellen over de gezondheid van de sollicitant. Alleen een bedrijfsarts mag vragen over de gezondheid stellen en dan alleen bij de eventuele aanstellingskeuring in de zin van de Wet op de medische keuring (Wmk). Als er door de aspirant werkgever toch gezondheidsvragen worden gesteld, hoeft de sollicitant die vragen niet te beantwoorden. De sollicitant moet de voor de functie relevante vragen, behoudens gezondheidsvragen, naar waarheid beantwoorden.

Uit de rechtspraak volgt dat een werknemer in de sollicitatiefase een mededelingsplicht kan hebben met betrekking tot informatie die verband houdt met de gezondheid (HR 20 maart 1981, NJ 1981, 507). Een werknemer mag namelijk niet zwijgen over medische kwesties waarvan hij wist of had moeten begrijpen dat deze hem ongeschikt maken voor de functie waarnaar hij solliciteert. De mededelingsplicht is niet wettelijk geregeld. Deze plicht vloeit voort uit het rechtsbeginsel goed werknemerschap (artikel 7:611 van het Burgerlijk Wetboek) en de redelijkheid en de billijkheid (artikel 6:248 van het BW). Wel is ten aanzien van de gevolgen een en ander geregeld. Verzwijgt een sollicitant dit toch en doet de betreffende ziekte/beperking zich voor, dan vervalt in principe zijn loonaanspraak tijdens ziekte (Rb. Rotterdam 1 april 1999, JAR 1999/99 en Hof Arnhem 9 november 2004, JAR 2005/81 ). Dit volgt uit artikel 7:629 lid 3 BW.

Ook is het mogelijk dat het verzwijgen van medische gegevens een dringende reden voor ontslag op staande voet oplevert (artikel 7:629, lid 3, onder a van het BW en artikel 7:678, lid 2, onder a van het BW). Indien de ziekte of beperking geen directe belemmering vormt voor het uitoefenen van de betreffende functie, dan hoeft de solicitant daar geen mededeling over te doen. Niet elke medische aandoening maakt een werknemer ongeschikt voor de functie. Het moet leiden tot objectief niet (meer) kunnen functioneren. Daarnaast geldt dat als er sprake is van een handicap of chronische ziekte, de werkgever tot op zekere hoogte aanpassingen dient te verrichten om het de werknemer mogelijk te maken toch te blijven werken ondanks de handicap of chronische ziekte en voor zover redelijk. Die aanpassing kan ook bestaan uit het aanpassen van de werklast of werktijden. Als die aanpassing van de werkgever gevergd kan worden, is het de werknemer niet aan te rekenen dat hij tijdens de sollicitatie niet over de betreffende aandoening heeft gesproken. Het feit dat een werknemer soms een spreekplicht heeft, betekent nog niet dat de werkgever dan een actief vraagrecht heeft. Kortom, uitgangspunt is dat een sollicitant in beginsel niet naar zijn medische achtergrond mag worden gevraagd. Daartegenover staat dat een sollicitant niet alles mag verzwijgen. Of er een mededelingsplicht bestaat en zo ja, wat de consequenties kunnen zijn ingeval van schending daarvan, is sterk afhankelijk van de feiten en omstandigheden van het geval.

Bij een medische keuring geldt als uitgangspunt dat de sollicitant verplicht is juiste informatie te verstrekken aan de keuringsarts. Gebeurt dat niet, dan heeft de betrokkene in het geval van arbeidsongeschiktheid wegens een ziekte die met die informatie verband houdt, mogelijk geen recht op loon (artikel 7:629, lid 3, onder a van het BW). Uit de rechtspraak en de parlementaire geschiedenis van art. 7:629, lid 3, onder a van het BW volgt dat ook wanneer er geen sprake is van een aanstellingskeuring, maar de sollicitant wel verzuimt medische gebreken te melden waarvan hij wist of had moeten begrijpen dat hij hierdoor ongeschikt is voor de functie, dit leidt tot verlies van loonaanspraak bij ziekte. De werkgever kan in deze gevallen dus ook artikel 7:629, lid 3, onder a van het BW inroepen.