Gezondheidsvragen tijdens psychologische selectieonderzoeken

Onderzoek met microscoop

De Wet op de medische keuringen (Wmk) heeft als doel oneigenlijke risicoselectie op gezondheid bij aanstellingskeuringen tegen te gaan en de privacy van de aspirant medewerker te beschermen.
Een psycholoog kan tijdens een psychologisch selectieonderzoek (assessment), bijvoorbeeld in het kader van een sollicitatie, bekend raken met de medische gesteldheid van de kandidaat doordat hij tijdens het onderzoek hierover vragen stelt of de kandidaat uit eigen beweging medische informatie verstrekt. De psycholoog komt dan voor de vraag te staan hoe hij met deze informatie moet omgaan. Voorbeelden van situaties waarin zich dat kan voordoen zijn psychologische selectieonderzoeken in het geval van kandidaten met gedragsproblemen gerelateerd aan bijvoorbeeld het Syndroom van Asperger, ADHD of PDD-NOS.

Gezondheidsvragen tijdens psychologische selectieonderzoeken niet toegestaan

Het stellen van gezondheidsvragen tijdens een psychologisch selectieonderzoek door een psycholoog is echter niet toegestaan. Op grond van de Wmk mag uitsluitend een bedrijfsarts dergelijke medische vragen stellen.

Praktijk is anders

Eind 2013 is de Commissie Klachtenbehandeling Aanstellingskeuringen (CKA) hierover met het Nederlands Instituut van Psychologen (NIP) in overleg getreden. In 2014 heeft NIP een enquête gehouden onder haar leden over medische vragen in psychologisch selectieonderzoek. Het verslag daarvan is begin 2015 inhoudelijk door de CKA geanalyseerd en vervolgens is de uitkomst daarvan gedeeld met het NIP. Hoewel het aantal respondenten beperkt was, trekken de CKA en het NIP uit de inventarisatie de voorzichtige conclusie dat in psychologische selectieonderzoeken geregeld medische gegevens en/of de gezondheidstoestand van de keurling aan de orde komen. Voorts valt uit de respons van de psychologen af te leiden dat de beroepsgroep zich inspant om zorgvuldig met de vertrouwelijke gegevens om te gaan. Dit laat echter onverlet dat de praktijk op dit punt niet is toegestaan op grond van de Wmk.

In het najaar van 2015 werd in het kader van de CKA-publiciteitscampagne een meting gedaan naar de bekendheid van de regelgeving omtrent aanstellingskeuringen. Hierin werd ook gevraagd naar het voorkomen van gezondheidsvragen in psychologische selectieonderzoeken. 11 procent van de respondenten zegt te maken gehad te hebben met een dergelijk onderzoek. Bijna de helft daarvan zegt dat in dat kader ook de gezondheid van de kandidaat ter sprake kwam.

Nader onderzoek

Naar aanleiding van de resultaten van de inventarisatie hebben het NIP en de CKA in april en september 2015 gesprekken met elkaar gevoerd om te bezien welke stappen kunnen worden gezet om de geconstateerde spanning tussen de uitvoeringspraktijk en de toepasselijke regelgeving weg te nemen. De CKA en het NIP zijn zich vervolgens gezamenlijk gaan beraden op initiatieven om psychologen, sollicitanten en werkgevers beter voor te lichten over wat wel en niet mag op grond van de Wmk en het Besluit aanstellingskeuringen in relatie tot psychologische selectieonderzoeken. Afgesproken is dat door de CKA en het NIP een aantal casussen worden opgesteld en dat die in 2016 in breder verband met (ervarings)deskundigen zullen worden besproken. De bijeenkomsten zijn bedoeld om duidelijk te krijgen waar het precies knelt en ook om in breder verband bewustzijn en draagvlak te creëren. Het resultaat van de bijeenkomsten dient als basis voor de communicatie via de websites van NIP en CKA, eventuele brochures en bijeenkomsten met bijvoorbeeld psychologen. Het ministerie van SZW is hierover door de CKA en het NIP geïnformeerd.

Meer informatie