Oordeel 2007-01

Een aanstellingskeuring mag alleen worden verricht in die situaties, waarbij functie-eisen een bijzonder beroep doen op de medische geschiktheid van de kandidaat. Uit de schriftelijke verklaringen en de verklaringen ter zitting, alsmede uit de overgelegde bescheiden is de Commissie niet gebleken van functie-eisen die een bijzonder beroep doen op de medische geschiktheid. De verklaringen namens de TBS-kliniek en de Arbo-dienst doen eerder vermoeden dat er gekeurd wordt, omdat dit in het verleden ook zo gebeurde. Dit wordt gestaafd door de verklaring namens de Arbo-dienst dat de Arbo-dienst geen adviserende rol heeft gehad bij de totstandkoming van de onderhavige aanstellingskeuring, dat ten tijde van het aangaan van het contract met de TBS-kliniek deze keuring al bestond en dat er nog wordt gewerkt met de standaard vragenlijsten opgesteld door de (vroegere) AMG. Daarbij tekent de Commissie aan dat, nu zij van de DJI, Concernstaf P&O, de gevraagde nadere informatie niet heeft ontvangen, zij ervan uitgaat dat dit vermoeden gerechtvaardigd is. Ook wijst de Commissie hier op de verklaring namens de Arbo-dienst dat er de afgelopen drie jaar niemand is afgekeurd, hetgeen de twijfels omtrent de onderhavige keuring bevestigt.
Ten aanzien van de bijzondere eisen op het punt van medische geschiktheid geldt dat de TBS-kliniek, als werkgever, een eigenstandige verantwoordelijkheid heeft voor de schriftelijke vastlegging van de bijzondere eisen op het punt van medische geschiktheid, voor de vastlegging daarvan in keuringsrichtlijnen door de Arbo-dienst en voor de procedure van de aanstellingskeuring. Zo de TBS-kliniek zich beroept op de landelijke richtlijnen van het Ministerie, geldt dat zij zich vanuit haar verantwoordelijkheid als werkgever in ieder geval ervan moet vergewissen of deze richtlijnen in overeenstemming zijn met genoemde voorwaarden en voorschriften. Nu de TBS-kliniek in dezen nalatig is gebleken, handelt zij in strijd met de WMK door desalniettemin opdracht te geven tot het verrichten van een aanstellingskeuring voor de onderhavige functie.


Oordeel 2007-01

Commissie: Th.M.G. van Berkestijn, arts, voorzitter, mr. E. Cremers - Hartman en mr. M.J. Kelder, bedrijfsarts, leden van de Commissie Klachtenbehandeling Aanstellingskeuringen in tegenwoordigheid van mr. A.D. van Zeben, secretaris.

1 De klacht

1.1 Op 7 maart 2006 is bij de Commissie Klachtenbehandeling Aanstellingskeuringen (hierna: Commissie) een klacht ingediend betreffende een in opdracht van een TBS-kliniek, door een keurend arts, werkzaam voor een Arbo-dienst, verrichte aanstellingskeuring voor de functie van sociotherapeut. Klaagster werd goedgekeurd onder de voorwaarde dat zij in risicovolle situaties, waar continue alertheid is vereist, niet alleen mag werken, omdat zij diabetes heeft.

1.2 In overleg met klaagster is de Commissie nagegaan in hoeverre er mogelijkheden waren voor een behandeling van de klacht door de TBS-kliniek. Dit heeft ertoe geleid dat de klacht is opgelost en dat klaagster haar klacht bij de Commissie heeft ingetrokken.

1.3 Op grond van signalen uit de klacht heeft de Commissie echter aanleiding gezien tot het doen van eigen onderzoek inzake de aanstellingskeuring voor de functie van sociotherapeut bij de TBS-kliniek.

1.4 Bij dit onderzoek betrekt de Commissie zowel de eigenstandige verantwoordelijkheid van de TBS-kliniek (werkgever) als die van de keurend arts.

2 De loop van de procedure

2.1 De Commissie heeft de TBS kliniek op 17 mei 2006 op de hoogte gesteld van het onderzoek en nadere vragen gesteld. Bij brieven van respectievelijk 16 juni 2006 en 3 augustus 2006 is namens de TBS kliniek, in overleg met de Arbo-dienst, gereageerd.

2.2 Tijdens de hoorzitting op 8 september 2006, heeft de Commissie nadere informatie ingewonnen.

2.3 Ter zitting zijn namens de Arbo-dienst nog stukken overgelegd.

2.4 Op verzoek van de Commissie is namens de Arbo-dienst na de zitting nog nadere schriftelijk informatie gegeven onder overlegging van stukken.

2.5 De Commissie heeft het vervolgens in raadkamer noodzakelijk geacht aanvullende informatie in te winnen bij het Ministerie van Justitie, DJI, Concernstaf P&O te Den Haag en bij de bedrijfsarts.

2.6 Bij brief van 13 november 2006 heeft de bedrijfsarts gereageerd.

2.7 DJI, Concernstaf P&O te Den Haag, heeft, ondanks herhaald rappel, niet gereageerd.

2.8 Tenslotte heeft de Commissie besloten een oordeel uit te brengen op grond van de voorhanden zijnde informatie.

2.9 Over het verrichten van de onderhavige keuring door een keurend arts, werkzaam voor de Arbo-dienst, is een apart oordeel uitgebracht (oordeel 2007-02).

3 De feiten

Uit de overgelegde bescheiden en uit de verklaringen is – voor zover voor het onderhavige onderzoek inzake de aanstellingskeuring voor de functie van sociotherapeut bij de betrokken TBS-kliniek van belang – het navolgende komen vast te staan.

3.1 De TBS-kliniek valt onder de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI). De DJI is een agentschap van het Ministerie van Justitie.

3.2 De functieomschrijving voor de functie van sociotherapeut luidt als volgt: ‘De sociotherapeut werkt in teamverband en is met name belast met sociotherapeutische begeleiding, het bijdragen aan de sociotherapeutische behandeling van patiënten en het voeren van individuele therapeutische gesprekken. Is verantwoordelijk voor het opstellen van het sociotherapeutisch zorgplan van een individuele patiënt. Draagt tevens zorg voor de bewaking van een veilig werk- en behandelklimaat op de afdeling.’

3.3 De werving en selectie wordt uitbesteed aan het Shared Service Center Midden (SCC Midden), eveneens een agentschap van het Ministerie van Justitie.

3.4 Voor de functie stelt de TBS-kliniek een aanstellingskeuring verplicht. De inhoud van de aanstellingskeuring bestaat uit het invullen van een algemene vragenlijst, biometrie (lengte, gewicht, bloeddruk), visustest veraf, bloedonderzoek (cholesterol, glucose, hemoglobine) en lichamelijk onderzoek door een keurend arts.

3.5 Voor het verrichten van de aanstellingskeuring is de TBS-kliniek een overeenkomst aangegaan met de Arbodienst. De keuring wordt uitgevoerd door een bedrijfsarts, werkzaam voor de Arbo-dienst.

4 Verklaringen namens de TBS-kliniek

Schriftelijk (voorafgaand aan de zitting)

4.1 De bijzondere eisen op het punt van medische geschiktheid voor de onderhavige functie zijn: klauteren en klimmen, energetische belasting, scherp zien op afstand, horen, waakzaamheid en oordeelsvermogen.

4.2 Het keuringsbeleid is gebaseerd op de Leidraad Aanstellingskeuringen. De DJI heeft met het oog hierop het aanstellingsbeleid herzien.

4.3 De TBS-kliniek heeft aan de bedrijfsarts bij de Arbodienst schriftelijk advies gevraagd.

4.4 Bij openstelling van de vacature wordt altijd in de tekst vermeld dat een medische keuring onderdeel uitmaakt van de selectieprocedure.

4.5 De keurling wordt door de keurend arts geïnformeerd over het recht op herkeuring en de mogelijkheid om een klacht in te dienen bij de CKA.

Ter zitting

4.6 Er is een aanstellingskeuring vereist voor de onderhavige functie, omdat men werkt in onregelmatige diensten en bij calamiteiten moet kunnen rennen en assistentie verlenen. De werkzaamheden bestaan in het algemeen uit het assisteren bij het ontbijt, de dagopening, het maken van rapportages, het houden van individuele en groepsgesprekken. Calamiteiten vinden zelden plaats;

5 Verklaring namens de Arbo-dienst

Ter zitting

5.1 Bij de contractbesprekingen voor de aanstellingskeuringen tussen de TBS kliniek en de Arbo-dienst is de aanstellingskeuring voor de onderhavige functie aan de orde geweest en men heeft besloten de bestaande keuringen te blijven verrichten. De Arbo-dienst heeft geen adviserende rol gehad bij de totstandkoming van de aanstellingskeuring voor die functie. De tijdens het aangaan van het contract voorgelegde keuringen bestonden al.

5.2 Ten aanzien van de relatie tussen de bijzondere eisen van medische geschiktheid en de onderzoekmethode wordt desgevraagd verklaard dat de vragenlijsten zijn overgenomen van de Arbo Management Groep (AMG). De standaardlijst is bedoeld voor diverse functies. Het lichamelijk onderzoek wordt wel specifiek verricht. Schriftelijk (naar aanleiding van schriftelijk gevraagde aanvullende informatie)

5.3 Vraag: ‘Wordt er wel eens iemand afgekeurd voor de
onderhavige functie?’
Antwoord: ‘Er wordt zelden iemand afgekeurd. De afgelopen drie jaar is er niemand afgekeurd’.

5.4 Vraag: ‘Welke vragen en/of parameters kunnen leiden tot afkeuringen (grenswaarden van tensie, inspanningsecg, cholesterolwaarden, doorgemaakte ziekten uit de vragenlijst)?’

Antwoord: ‘De grenswaarde van de VO2 max/fysieke belastbaarheid ligt op dezelfde hoogte als die van keuringen voor functies met perslucht.”

5.5 Vraag: ‘Wat zijn de grenswaarden van het bloedonderzoek op cholesterol, hemoglobine en glucose?’
Antwoord: ‘Bij te hoge waarden (volgens standaardlaboratorium normen) worden keurlingen niet afgekeurd. Wel wordt een advies meegegeven door de bedrijfsarts.’

5.6 Vraag: ‘Voor zover de Commissie bekend is, vinden er bij soortgelijke instellingen (instellingen met gesloten opnameafdelingen) geen aanstellingskeuringen meer plaats. Waarom dan wel voor functies bij de onderhavige TBS-kliniek?’ Antwoord: ‘De keuringen, die bij de onderhavige kliniek plaatsvinden, kunnen gezien worden als zogenaamde intredekeuringen. Justitie landelijk bepaalt het aanstellingskeuringenbeleid. Dit laatste is binnen de Arbodienst op dit moment ook onderwerp van discussie. Onze stafarts neemt verdere actie, ook richting justitie. Als bedrijfsarts ben ik in overleg met de (….)kliniek over dit onderwerp.’

6 Nadere vragen aan DJI

Vanwege de tegenstrijdige verklaringen ter zitting omtrent het al dan niet schriftelijk ingewonnen advies bij de Arbo-dienst heeft de Commissie het noodzakelijk geacht schriftelijk de volgende nadere informatie te vragen aan DJI, Concernstaf P&O:

  • het schriftelijk gevraagde advies aan een Arbodienst over de rechtmatigheid van de aanstellingskeuring voor de functie van Sociotherapeut;
  • het schriftelijke advies van de Arbo-dienst;
  • de schriftelijke instemming van de OR;
  • de schriftelijke vastlegging omtrent het doel van de keuring, de vragen welke ten aanzien van de gezondheid zullen worden gesteld, en de medische onderzoeken welke mogen worden verricht;
  • de wijze waarop de sollicitant schriftelijk wordt geïnformeerd over doel, vragen en onderzoeken en over diens rechten bij de keuring (herkeuring, weigering medewerking, mogelijkheid van het indienen van een klacht bij de CKA).

7 Overwegingen van de Commissie

7.1 Uit de overgelegde bescheiden en het besprokene ter zitting is komen vast te staan dat de onderhavige keuring een aanstellingskeuring betreft. Bij deze aanstellingskeuring zijn zowel de TBS-kliniek (als werkgever) als de keurend arts, werkzaam voor de Arbo-dienst, betrokken.

7.2 Gelet op de tekst en de doelstellingen van de WMK en overige regelgeving, waaronder het Protocol Aanstellingskeuringen van juni 1995, in werking sinds 1 januari 19969, moet worden uitgegaan van een strikte scheiding van verantwoordelijkheden en bevoegdheden tussen de keuringvrager (werkgever) en de keurend arts. De Commissie heeft daarom mede onderzoek gedaan naar de verantwoordelijkheid van de keurend arts in dezen en een afzonderlijk oordeel daarover gegeven (oordeel 2007-02).

7.3 Beoordeeld moet worden of de aanstellingskeuring voldoet aan de voorschriften van de WMK en het Besluit aanstellingskeuringen.

7.4 Daartoe overweegt de Commissie als volgt.

7.5 Artikel 4, eerste lid, van de WMK, in samenhang met artikel 3, eerste lid, van het Besluit aanstellingskeuringen bepaalt dat een aanstellingskeuring alleen mag plaatsvinden, indien aan de vervulling van de betreffende functie en de daarbij behorende taken bijzondere eisen op het punt van medische geschiktheid worden gesteld.
 
7.6 Onder bijzondere eisen op het punt van medische
geschiktheid wordt verstaan:

  • de bescherming van de gezondheid en de veiligheid van de keurling en van derden bij de uitvoering van de desbetreffende arbeid; en
  • de risico’s voor de gezondheid en de veiligheid, die niet met gangbare maatregelen, overeenkomstig de stand der wetenschap en professionele dienstverlening, kunnen worden gereduceerd. De risico’s die met de functie samenhangen moeten dus in eerste instantie zoveel mogelijk door de werkgeverworden voorkomen door preventieve maatregelen te treffen.

7.7 Een aanstellingskeuring mag derhalve alleen worden verricht in die situaties, waarbij functie-eisen een bijzonder beroep doen op de medische geschiktheid van de kandidaat. Uit de schriftelijke verklaringen en de verklaringen ter zitting, alsmede uit de overgelegde bescheiden is de Commissie niet gebleken van functieeisen die een bijzonder beroep doen op de medische geschiktheid. De verklaringen namens de TBS-kliniek en de Arbo-dienst doen eerder vermoeden dat er gekeurd wordt, omdat dit in het verleden ook zo gebeurde. Dit wordt gestaafd door de verklaring namens de Arbo-dienst dat de Arbo-dienst geen adviserende rol heeft gehad bij de totstandkoming van de onderhavige aanstellingskeuring, dat ten tijde van het aangaan van het contract met de TBS-kliniek deze keuring al bestond en dat er nog wordt gewerkt met de standaard vragenlijsten opgesteld door de (vroegere) AMG. Daarbij tekent de Commissie aan dat, nu zij van de DJI, Concernstaf P&O, de gevraagde nadere informatie niet heeft ontvangen, zij ervan uitgaat dat dit vermoeden gerechtvaardigd is. Ook wijst de Commissie hier op de verklaring namens de Arbo-dienst dat er de afgelopen drie jaar niemand is afgekeurd, hetgeen de twijfels omtrent de onderhavige keuring bevestigt.

7.8 Voorts is namens de Arbo-dienst verklaard dat de keuringen die bij de TBS-kliniek plaatsvinden kunnen worden gezien als zogenaamde intredekeuringen, welke ter discussie zijn gesteld binnen de Arbo-dienst en dat de stafarts van de Arbo-dienst actie zal ondernemen om het door het Ministerie van Justitie landelijk bepaalde aanstellingskeuringenbeleid te toetsen. In dit verband merkt de Commissie hier op dat de uitslag van ‘intredekeuringen’ niet aan de werkgever wordt medegedeeld. De onderzochte keuring is qua uitvoering in ieder geval een aanstellingskeuring, zoals ook is vastgesteld ter zitting.

7.9 Reeds op grond van bovenstaande mag worden geconcludeerd dat de onderhavige keuring niet mag plaatsvinden.

7.10 Voorts geldt dat uit de verklaringen en de overgelegde bescheiden blijkt dat niet is voldaan aan de volgende voorwaarden bij de uitvoering van de aanstellingskeuring:

  • ter preventie van gezondheids- en veiligheidsrisico’s zijn bijzondere functie-eisen geformuleerd, waarop de selectie zich kan richten;
  • per bijzondere functie-eis zijn (medische) toetsingscriteria ontwikkeld;
  • de gebruikte onderzoeksmethoden zijn valide, dat wil onder andere zeggen voldoende specifiek om het gedefinieerde risico ook daadwerkelijk op te sporen; algemene vragen naar de gezondheid zijn daarbij niet toegelaten; en 
  • er worden geen vragen gesteld en geen medische onderzoeken verricht die een onevenredige inbreuk betekenen op de persoonlijke levenssfeer van de keurling.

7.11 Ook is, zoals hierboven reeds ten dele overwogen, niet gebleken dat de onderhavige aanstellingskeuring is vastgesteld en wordt verricht overeenkomstig het bepaalde in artikel 4, tweede lid, en artikel 8 van de WMK, alsmede artikel 3, tweede lid, artikel 4 en artikel 5 van het Besluit aanstellingskeuringen en overige relevante wetgeving, te weten:

  • de werkgever heeft schriftelijk advies gevraagd aan de Arbo-dienst dan wel de bedrijfsarts, met wie een contract is gesloten, over de rechtmatigheid van de keuring voor een bepaalde functie (artikel 3, tweede lid, Besluit aanstellingskeuringen);
  • na een positief advies van de Arbo-dienst dan wel de bedrijfsarts heeft de werkgever vervolgens schriftelijk vastgelegd: de functie-eisen, het doel van de keuring, de vragen welke ten aanzien van de gezondheid zullen worden gesteld, en de medische onderzoeken welke mogen worden verricht (artikel 8, eerste lid, WMK en artikel 3, tweede lid Besluit aanstellingskeuringen);
  • de werkgever heeft de instemming van de ondernemingsraad (of de personeelsvertegenwoordiging) over het voorgenomen keuringsbeleid (artikel 27, eerste lid, Wet op de ondernemingsraden); en
  • in de voorlichtende tekst betreffende de werving voor de functie staat vermeld dat een aanstellingskeuring zal plaatsvinden (artikel 4 Besluit aanstellingskeuringen);
  • de werkgever informeert de keurling vooraf over het doel en de inhoud van de keuring en over zijn/haar rechten (recht op herkeuring en de mogelijkheid een klacht in te dienen bij de CKA) (artikel 8, tweede lid, WMK en artikel 3, tweede lid, en artikel 5 Besluit aanstellingskeuringen).

7.12 Ten aanzien van de bijzondere eisen op het punt van medische geschiktheid geldt dat de TBS-kliniek, als werkgever, een eigenstandige verantwoordelijkheid heeft voor de schriftelijke vastlegging van de bijzondere eisen op het punt van medische geschiktheid, voor de vastlegging daarvan in keuringsrichtlijnen door de Arbodienst en voor de procedure van de aanstellingskeuring. Zo de TBS-kliniek zich beroept op de landelijke richtlijnen van het Ministerie, geldt dat zij zich vanuit haar verantwoordelijkheid als werkgever in ieder geval ervan moet vergewissen of deze richtlijnen in overeenstemming zijn met genoemde voorwaarden en voorschriften. Nu de TBS-kliniek in dezen nalatig is gebleken, handelt zij in strijd met de WMK door desalniettemin opdracht te geven tot het verrichten van een aanstellingskeuring voor de onderhavige functie.

7.13 Ten aanzien van de informatie aan de sollicitant merkt de Commissie op dat de verklaringen daaromtrent tegenstrijdig zijn. De TBS-kliniek verklaart schriftelijk dat in de vacaturetekst wordt vermeld dat een medische keuring deel uitmaakt van de selectieprocedure, terwijl namens de TBS-kliniek ter zitting is verklaard dat dit tijdens het arbeidsvoorwaardengesprek wordt meegedeeld. Hoe dit verder ook zij, nu, zoals geconstateerd, er voor de onderhavige aanstellingskeuring geen bijzondere eisen van medische geschiktheid zijn geformuleerd in de zin van de wet, wordt vastgesteld dat aan de sollicitant voorafgaande aan de keuring geen schriftelijke informatie kan worden gegeven over doel, vragen en onderzoeken, zoals bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de WMK.

8 Oordeel van de Commissie

De onderzochte aanstellingskeuring voor de functie van sociotherapeut bij de TBS-kliniek is in strijd met voornoemde voorschriften van de WMK en het Besluit aanstellingskeuringen.