Oordeel 2008-01

Een werkneemster heeft gesolliciteerd naar de functie van medewerker (financiële) administratie voor maximaal 20 uur per week bij de werkgever. Tijdens het eerste sollicitatiegesprek kreeg zij te horen dat, indien de werkgever met haar door zou willen gaan in de sollicitatieprocedure, zij een medische keuring zou moeten ondergaan. In de personeelsadvertentie stond dit echter niet vermeld. Sollicitante heeft vervolgens advies ingewonnen bij de CKA en gevraagd of een medische keuring voor deze functie wel is toegestaan. De werkgever heeft sollicitante uiteindelijk meegedeeld dat zij niet in aanmerking kwam voor de functie. Derhalve is het voor haar niet tot een medische keuring gekomen.
Sollicitante heeft geen klacht ingediend bij de CKA maar het bij de adviesvraag willen laten. Zij had inmiddels een andere baan bij een andere werkgever en wilde mede hierom niet verder in een klachtprocedure betrokken worden. De CKA heeft gebruik gemaakt van haar bevoegdheid tot het doen van een eigen onderzoek. De Commissie heeft in deze procedure onderzocht of de werkgever in strijd met de voorschriften van de WMK heeft gehandeld.
De CKA heeft het volgende overwogen. Naast de medische keuring zelf vallen ook het stellen van vragen tijdens de sollicitatieprocedure over de gezondheidstoestand en over het ziekteverzuim in het verleden onder het begrip keuring in de zin van de WMK. Deze vragen mogen alleen worden gesteld door de keurend arts in het kader van een aanstellingskeuring.
Bij andere beoordelingen dan de medische keuring mogen geen vragen worden gesteld en evenmin inlichtingen worden ingewonnen over de gezondheidstoestand van de sollicitant en over diens ziekteverzuim in het verleden.
De vraag die in de voorliggende kwestie speelt is of er bij de werkgever een medische keuring verplicht wordt gesteld tijdens de selectieprocedure voor de functie van medewerker (financiële) administratie. Daarnaast is het de vraag of er tijdens de sollicitatieprocedure vragen zijn gesteld over de gezondheid. Sollicitante heeft in haar adviesvraag naar voren gebracht dat zij tijdens het eerste sollicitatiegesprek de mededeling kreeg dat zij een contract voor een half jaar zou kunnen krijgen met de verplichting van een medische keuring als de werkgever met haar door zou gaan. Dit terwijl hier in de personeelsadvertentie niets over stond vermeld. De werkgever ontkent dit alles echter. Hij stelt dat slechts in het verleden een gezondheidskeuring bij de sollicitatie tot de standaardprocedure behoorde, doch dat deze reeds jaren geleden op advies van de arbodienst is komen te vervallen. Dat er tijdens het sollicitatiegesprek is gesproken over de gezondheid van de sollicitante, kwam doordat zij hier zelf over zou zijn begonnen naar aanleiding van vragen over lacunes in haar c.v. De werkgever stelt dat er tijdens een sollicitatieprocedure en/of tijdens een sollicitatiegesprek geen schriftelijke en/of mondelinge vragen worden gesteld omtrent de gezondheid van kandidaten. De CKA komt niet toe aan beantwoording van de vraag of er in de onderhavige zaak sprake is van een aanstellingskeuring in de zin van de WMK. Omdat er sprake is van tegenstrijdige informatie kan de Commissie niet vaststellen dat het verplicht stellen van een medische keuring en/of het stellen van vragen over de gezondheid onderdeel van de sollicitatieprocedure bij de werkgever uitmaakt. Zij kan derhalve niet vaststellen dat de werkgever in strijd heeft gehandeld met artikel 4, lid 1 juncto artikel 1, onderdeel a, van de Wet op de medische keuringen en artikel 3, lid 1, van het Besluit aanstellingskeuringen.


Oordeel 2008-01

Commissie: mr. E. Cremers-Hartman, voorzitter, drs. W.M. van de Fliert, bedrijfsarts en mr. M.A.C. Vijn, leden van de Commissie Klachtenbehandeling Aanstellingskeuringen in tegenwoordigheid van mr. J. Jonkman, secretaris.

1 Het signaal

1.1 Op 20 december 2007 heeft de Commissie Klachtenbehandeling Aanstellingskeuringen (hierna: Commissie) een verzoek om advies ontvangen over de vraag of de betreffende werkgever heeft gehandeld in strijd met de Wet op de medische keuringen (WMK) door in het kader van een sollicitatieprocedure voor een parttime administratieve functie een medische keuring verplicht te stellen.

1.2 De Commissie heeft naar aanleiding van dit verzoek, ingevolge artikel 6, derde lid, van het Besluit klachtenbehandeling aanstellingskeuringen, besloten een eigen onderzoek in te stellen om te bezien of door de werkgever in strijd met de voorschriften van de WMK is/wordt gehandeld.

2 Het onderzoek

2.1 Bij brief van 18 april 2008 heeft de Commissie in het kader van haar onderzoek de werkgever in kennis gesteld van de inhoud van het verzoek om advies en enkele vragen gesteld, met het verzoek om een schriftelijke reactie te geven. Het ging om de volgende vragen: 

- Welke zijn de bijzondere eisen op het punt van medische geschiktheid voor de functie van medewerker (financiële) administratie? 
-  Welke zijn de (medische) toetsingscriteria die per bijzondere functie-eis zijn ontwikkeld? 
-  Welke zijn de gebruikte onderzoeksmethoden en zijn deze valide, dat wil zeggen, zijn ze voldoende specifiek om het gedefinieerde risico ook daadwerkelijk op te sporen? 
- Is er schriftelijk advies gevraagd aan de arbodienst dan wel de bedrijfsarts, met wie een contract is gesloten, over de rechtmatigheid van de keuring voor de functie medewerker (financiële) administratie? 
- Is het bij ondernemingen binnen het concern gebruikelijk om voor administratieve functies een aanstellingskeuring te verrichten? Op welke wijze wordt een sollicitant/keurling daarover geïnformeerd? 
- Wordt de sollicitant/keurling in dat geval geïnformeerd over zijn/haar recht op herkeuring en de mogelijkheid een klacht in te dienen bij de CKA?

2.2 Op 25 april 2008 heeft de werkgever schriftelijk gereageerd.

2.3 Aangezien met deze brief niet alle vragen van de Commissie waren beantwoord, heeft de Commissie op 6 mei 2008 wederom een brief gestuurd met het verzoek de eerder gestelde vragen specifiek te beantwoorden. Verder heeft de Commissie in deze brief gevraagd of het gebruikelijk is om tijdens de sollicitatieprocedure en/of tijdens het sollicitatiegesprek schriftelijk en/of mondeling vragen omtrent de gezondheid te stellen.

2.4 Op 20 mei 2008 heeft de werkgever op deze brief van de Commissie gereageerd.

2.5 Met deze brief achtte de Commissie zich voldoende geïnformeerd. Zij heeft de werkgever in de gelegenheid gesteld om een mondelinge toelichting te geven tijdens een hoorzitting. Op dit verzoek heeft de werkgever niet gereageerd.

2.6 De Commissie heeft zich daarom op grond van de overgelegde stukken een oordeel gevormd.

3 De situatie, zoals geschetst in het verzoek om advies en het vervolg Verzoekster heeft gesolliciteerd naar de functie van medewerker (financiële) administratie voor maximaal 20 uur per week bij de werkgever.

3.2 Tijdens het eerste sollicitatiegesprek kreeg verzoekster te horen dat, indien de werkgever met haar door zou willen gaan in de sollicitatieprocedure, zij een medische keuring zou moeten ondergaan. In de personeelsadvertentie stond dit echter niet vermeld.

3.3 Op 20 december 2007, de dag voordat verzoekster te horen zou krijgen of zij door zou gaan naar de volgende ronde in de sollicitatieprocedure, informeert verzoekster bij de Commissie of een medische keuring voor deze functie wel is toegestaan. Hierop heeft de voorzitter van de Commissie haar vragen telefonisch beantwoord.

3.4 Op 7 februari 2008 heeft het secretariaat van de CKA bij verzoekster geïnformeerd naar de stand van zaken rond de sollicitatieprocedure. Diezelfde dag deelt verzoekster mee dat de werkgever heeft laten weten dat zij niet in aanmerking kwam voor de functie. Derhalve is het voor haar niet tot een medische keuring gekomen.

4 Standpunten van de werkgever

4.1 In haar brief van 18 april 2008 heeft de Commissie, uitgaande van het haar bereikte signaal dat een medisch onderzoek deel uitmaakt van de selectieprocedure voor de betreffende functie bij de werkgever, een aantal vragen gesteld (zie onder 2.1) om te toetsen of de werkgever daarbij aan de eisen van de WMK en het Besluit aanstellingskeuringen voldoet. De werkgever heeft in zijn brieven van 25 april en 20 mei 2008 aan de Commissie duidelijk gemaakt dat er geen medische keuring plaatsvindt tijdens de selectieprocedure voor deze functie en heeft de vragen dan ook in die zin beantwoord:

“1. er zijn geen bijzondere eisen gesteld op het punt van medische geschiktheid
2. er zijn geen medische toetsingscriteria
3. derhalve geen gebruikte onderzoeksmethoden
4. er is geen schriftelijk advies gevraagd aan de arbodienst/bedrijfsarts
5. voor administratieve functies worden geen aanstellingskeuringen verricht
6. informatie aan sollicitant over zijn/haar recht op herkeuring: is derhalve niet van toepassing.”

4.2 Op de vraag van de Commissie of het gebruikelijk is om tijdens de sollicitatieprocedure en/of tijdens het sollicitatiegesprek schriftelijk en/of mondeling vragen te stellen omtrent de gezondheid, heeft de werkgever geantwoord dat verzoekster tijdens het sollicitatiegesprek zelf is begonnen over haar gezondheidsproblemen in het verleden. De werkgever heeft toen aangegeven dat de betreffende gezondheidskwestie voor deze vacature geen enkel probleem was en dat uitsluitend in het verleden een gezondheidskeuring onderdeel was van de standaardprocedure. Deze keuring is reeds jaren geleden op advies van de betrokken arbodienst komen te vervallen.

5 Overwegingen van de Commissie

5.1 Allereerst overweegt de Commissie dat het haar taak is een oordeel te geven over de vraag of er in de onderhavige kwestie sprake is van een aanstellingskeuring in de zin van de WMK en, zo ja, of de uitvoering van die aanstellingskeuring voldoet aan de voorschriften van de WMK en overige relevante wet- en regelgeving.

5.2 De term keuring in de zin van de WMK dient ruim te worden uitgelegd en omvat, blijkens artikel 4, tweede lid, van de WMK, mede het vragen naar of het anderszins inwinnen van inlichtingen over de gezondheidstoestand en over ziekteverzuim in het verleden.

5.3 Het stellen van vragen tijdens de sollicitatieprocedure over de gezondheidstoestand en over het ziekteverzuim in het verleden vallen, zoals hierboven is overwogen, onder het begrip keuring in de zin van de WMK. Deze vragen mogen ingevolge artikel 1, onderdeel d, van de WMK, juncto artikel 1, onderdeel a, van het Besluit aanstellingskeuringen, alleen worden gesteld door de keurend arts in het kader van een aanstellingskeuring. Bij andere beoordelingen dan de medische keuring mogen ingevolge artikel 4, tweede lid, van de WMK geen vragen worden gesteld en evenmin inlichtingen worden ingewonnen over de gezondheidstoestand van de sollicitant en over diens ziekteverzuim in het verleden.

5.4 In de WMK, in werking getreden per 1 januari 1998, is bovenstaande bepaling opgenomen in verband met het uitgangspunt dat aanstellingskeuringen slechts beperkt toelaatbaar zijn teneinde ongerechtvaardigde uitsluiting van de arbeidsmarkt te voorkomen en de privacy van aspirant werknemers te beschermen. De aanstellingskeuring, als deze al is toegestaan, mag daarom niet worden gebruikt als instrument van risicoselectie van werknemers voor ziekteverzuim en arbeidsongeschiktheid in de toekomst.

5.5 De Commissie overweegt vervolgens als volgt.

5.6 De vraag die in de voorliggende kwestie speelt, is of er bij de werkgever een medische keuring verplicht wordt gesteld tijdens de selectieprocedure voor de functie van medewerker (financiële) administratie, dan wel of er tijdens de sollicitatieprocedure vragen worden gesteld over de gezondheid. Verzoekster stelt dat haar tijdens het eerste sollicitatiegesprek is medegedeeld dat, mocht de werkgever met haar willen doorgaan, dat dan een contract voor een half jaar aangeboden zou worden waarbij een medische keuring verplicht zou zijn. Dit terwijl hier in de personeelsadvertentie niets over stond vermeld. De werkgever ontkent dit alles echter. Hij stelt dat slechts in het verleden een gezondheidskeuring bij de sollicitatie tot de standaardprocedure behoorde, doch dat deze reeds jaren geleden op advies van de arbodienst is komen te vervallen. Dat er tijdens het sollicitatiegesprek is gesproken over verzoeksters gezondheid, kwam doordat zij hier zelf over zou zijn begonnen naar aanleiding van vragen over lacunes in haar c.v. De werkgever stelt dat er tijdens een sollicitatieprocedure en/of tijdens een sollicitatiegesprek geen schriftelijke en/of mondelinge vragen worden gesteld omtrent de gezondheid van kandidaten.

5.7 De commissie komt dan verder niet toe aan beantwoording van de vraag of er in de onderhavige zaak sprake is van een aanstellingskeuring in de zin van de WMK. Omdat er sprake is van tegenstrijdige informatie kan de Commissie niet vaststellen dat het verplicht stellen van een medische keuring en/of het stellen van vragen over de gezondheid onderdeel van de sollicitatieprocedure bij de werkgever uitmaakt.

6 Oordeel van de Commissie

Op grond van vorenstaande overwegingen komt de Commissie tot het volgende oordeel. De Commissie oordeelt dat niet vastgesteld kan worden dat de werkgever in strijd heeft gehandeld met artikel 4, lid 1 juncto artikel 1, onderdeel a, van de WMK en artikel 3, lid 1, van het Besluit aanstellingskeuringen.