Oordeel 2017-04 klager / aspirant werkgever

Samenvatting

Klager heeft bij het ministerie van Defensie (Defensie) gesolliciteerd naar een militaire functie. Klager heeft, als onderdeel van zijn sollicitatieprocedure, een Psychologisch Onderzoek (hierna: PO) ondergaan. De psycholoog die het PO heeft afgenomen geeft een voorgoed negatief advies af en klager wordt niet aangenomen.

Klager heeft het gesprek met de psycholoog tijdens het PO als onplezierig ervaren, omdat daarin volgens klager problemen met zijn gezondheid en in de relationele sfeer aan de orde zijn geweest. Klager verzoekt de Commissie Klachtenbehandeling Aanstellingskeuringen (CKA) te oordelen of de wijze waarop het PO is afgenomen rechtmatig is op het punt van:

  • de wijze van uitvoering van het PO;
  • discriminatie op grond van zijn (medische) beperking;
  • eerbiediging van zijn privacy.

Daarnaast heeft klager de CKA verzocht om Defensie te verplichten om het PO opnieuw te laten afnemen.

De klacht is ontvankelijk. De CKA acht zich bevoegd en verklaart de klacht gegrond. De CKA heeft kort samengevat het volgende overwogen.

De bevoegdheid van de CKA

De CKA is uitsluitend bevoegd te oordelen over aanstellingskeuringen. In deze zaak gaat het om een PO. Als in dat kader gezondheidsvragen worden gesteld, valt dit PO onder de werkingssfeer van de Wet op de medische keuringen (Wmk) en is het aan te merken als een aanstellingskeuring.
De CKA heeft geen wettelijke bevoegdheid om Defensie te gelasten om de sollicitatieprocedure over te doen. Zij kan Defensie wel adviseren.

De wijze van uitvoering van het Psychologisch Onderzoek

Het stellen van gezondheidsvragen
De CKA stelt voorop dat vragen naar medicijngebruik altijd vragen betreffen naar de gezondheidstoestand. Daarnaast vallen vragen over lengte en gewicht onder Biometrie en kwalificeren zich als vragen naar de gezondheidstoestand. De CKA is van oordeel dat de psycholoog door het stellen van dergelijke vragen een aanstellingskeuring heeft verricht, waarop de Wmk van toepassing is. Alleen aan de bedrijfsarts komt de bevoegdheid toe om een aanstellingskeuring te verrichten. De psycholoog is geen bedrijfsarts en staat niet onder toezicht van een bedrijfsarts. De psycholoog is op grond van de Wmk dan ook niet bevoegd om tijdens een assessment vragen te stellen of inlichtingen in te winnen over de gezondheidstoestand van de keurling.

Een aanstellingskeuring mag op grond van de Wmk alleen plaatsvinden, indien aan de vervulling van de betreffende functie en de daarbij behorende taken bijzondere functie-eisen op het punt van medische geschiktheid moeten worden gesteld. Aan de afwijzing van klager ligt de psychische belastbaarheid, een van de acht criteria (ankerpunten) waaraan de psycholoog toetst, ten grondslag. De CKA is van oordeel dat de acht ankerpunten van het PO niet te beschouwen zijn als bijzondere functie-eisen (zie ook K16-04, overweging 6.17). Daarmee is de afwijzing niet gebaseerd op een bijzondere eis op het punt van medische geschiktheid voor de functie. De psycholoog is daarnaast niet bevoegd een uitspraak te doen over een bijzondere functie-eis op het punt van medische geschiktheid.

Het geven van duidelijke instructies
De CKA onderzoekt per geval of er tijdens het PO vragen zijn gesteld die zijn te interpreteren als gezondheidsvragen. Om dat te kunnen beoordelen is het belangrijk de context te kennen waarin de vragen zijn gesteld.

Defensie stelt in deze zaak dat klager had kunnen weten dat hij niet verplicht was om vragen over zijn gezondheidstoestand te beantwoorden. De CKA vindt het van belang dat er duidelijke instructies worden gegeven aan sollicitanten in het kader van een PO, zodat voorkomen wordt dat de sollicitant de vragen als gezondheidsvragen interpreteert. Aspirant werkgever dient daarbij aan sollicitanten, de benodigde informatie te verstrekken over het al dan niet beantwoorden van gezondheidsvragen tijdens een PO.

In dit geval heeft Defensie aan klager geen duidelijke instructies gegeven over het beantwoorden van vragen naar de gezondheidstoestand. Naar het oordeel van de CKA wordt door enkel een vermelding in brochures onvoldoende gewaarborgd dat de sollicitant begrijpt dat hij geen vragen naar de gezondheid hoeft te verwachten en deze niet hoeft te beantwoorden in het kader van een PO. Hierdoor heeft Defensie niet kunnen voorkomen dat klager in het gesprek met de psycholoog de gestelde vragen heeft opgevat als gezondheidsvragen en hij deze vragen als zodanig (uitvoerig) heeft beantwoord.

Ongevraagd gezondheidsinformatie verstrekken door de sollicitant
De CKA kan zich voorstellen dat in het kader van een PO op een zeker moment ook informatie over de gezondheid van sollicitant naar boven komt zonder dat de psycholoog een gezondheidsvraag stelt. De CKA is van oordeel dat een psycholoog op dat moment de sollicitant er op moet wijzen dat wat aan de orde wordt gesteld niet valt onder de reikwijdte van het PO. De psycholoog dient dan niet verder op de informatie die is gedeeld in te gaan en deze informatie niet te gebruiken in zijn afweging en voor zijn advies.
Indien de door de sollicitant verstrekte informatie over de gezondheid relevant is voor de vraag naar zijn geschiktheid voor de functie, moet de psycholoog het onderzoek overdragen aan een bedrijfsarts. De bedrijfsarts kan in tegenstelling tot de psycholoog ook aanvullende informatie opvragen bij de behandelend arts(en) van betrokkene.

Privacy en discriminatie

De CKA heeft geoordeeld dat Defensie tijdens het PO van klager onevenredige inbreuk heeft gemaakt op zijn persoonlijke levenssfeer. De CKA is van oordeel dat de psycholoog in aanraking is gekomen met privacygevoelige informatie die verder reikt dan in het kader van het PO inzicht verkrijgen in de gedragingen van klager.
Daar waar het specifiek gaat om discriminatie (op grond van een beperking) en privacy is het College voor de rechten van de Mens respectievelijk de Autoriteit Persoonsgegevens bevoegd om daarover een oordeel te vellen.

Conclusie

De klacht is ontvankelijk. De CKA stelt voorop dat vragen naar medicijngebruik altijd vragen betreffen naar de gezondheidstoestand. Gezondheidsvragen mogen uitsluitend gesteld worden tijdens een aanstellingskeuring door een bevoegd bedrijfsarts. De CKA vindt het van belang dat er duidelijke instructies worden gegeven aan sollicitanten in het kader van een PO, zodat voorkomen wordt dat de sollicitant de vragen als gezondheidsvragen interpreteert.

Lees het volledige oordeel (PDF, 210kB)